Het monster Meta

Beste lezer,

Het is een tijd geleden sinds ik u voor het laatst op de hoogte bracht van de ontwikkelingen bij The Firewall. We stonden toen op het punt om naar een besloten hoorzitting te gaan over de bezwaarprocedure tegen het verbod op de verkoop van DigiD-dienstverlener Solvinity aan het Amerikaanse techbedrijf Kyndryl. Die vond plaats in een grote vergaderzaal van het ministerie Economische Zaken en Klimaat in Den Haag. De procedure werd aangespannen door de aandeelhouders van Solvinity en het zittende management van de onderneming. Zij stellen hun zakelijke en financiële belangen boven de belangen van miljoenen Nederlandse burgers. Ik had hier graag meer over hun argumenten verteld, maar we kregen te horen dat we niets over de zitting naar buiten mochten brengen.

Dat had volgens mij best gekund, want ik heb niets nieuws gehoord. Gelukkig mag ik wel vertellen dat ik een uitstekend pleidooi van onze advocaat Nienke de Bruijn heb gehoord. Dat belooft veel goeds voor de toekomst van ons platform.

Op de weg terug naar Amsterdam vernamen we het treurige nieuws dat Meta voor 17,1 miljard dollar een schikking heeft getroffen met 33 Amerikaanse staten die gezamenlijk een zaak tegen het Big Tech-bedrijf hebben aangespannen. Volgens de openbaar aanklagers van de staten heeft Meta zich schuldig gemaakt aan tactieken om jonge mensen bewust verslaafd te maken aan hun verschillende apps. De schadeclaim die ze indienden: 200 miljard dollar. Daar bleef dus slechts een fractie van over.

Onze advocaat, tegenover me in de trein, keek me geschokt aan. Wat een enorme tegenvaller. Meta kwam weg met een boete die zo laag was dat de koers van het bedrijf opveerde.

“Deze zaak had heel interessant kunnen zijn, omdat een rechter een oordeel zou gaan vellen over het handelen van Meta tegenover jonge gebruikers,” zei Nienke later die dag tegen Trouw. “Maar dat is niet gebeurd. We weten daardoor nu nog steeds niet of Meta actief jongeren verslaafd heeft proberen te maken. En op welke manier gebruikt het bedrijf gegevens van kinderen om hun algoritmen te trainen?”

Meer ellende van Meta: de ‘gluurbril’

Afgelopen weken was Meta opnieuw volop in het nieuws. Dit keer had het te maken met de ‘gluurbril’ die het bedrijf onder andere samen met brillenfabrikant RayBan – onderdeel van het Frans-Italiaanse concern EssilorLuxottica – op de markt brengt. Met de zogenoemde Smart Glasses kan de gebruiker foto’s of video-opnamen maken zonder dat mensen het doorhebben. Het witte ledlampje aan de voorzijde van het montuur waarborgt volgens Meta de privacy, omdat het oplicht wanneer je een foto maakt en pulseert wanneer je filmt. Inmiddels is echter allang duidelijk dat het lampje eenvoudig afgeplakt kan worden. Misbruik is vanzelfsprekend wanneer dit soort producten op de markt komen, maar Meta heeft daar lak aan en de gevolgen zijn voorspelbaar. Dat liet onder anderen een journalist van De Telegraaf zien die toegang wist te krijgen tot een besloten appgroep op Telegram. ‘Hard genieten’ luidde de naam van de groep waarin honderden heimelijk opgenomen filmpjes van vrouwen werden gedeeld, schreef de krant. Nadat er melding was gedaan, werd het kanaal op zwart gezet.

Stiekem filmen is een fluitje van een cent ondanks ‘privacy-updates’ van Meta

Onderzoek van de Consumentenbond wees begin september uit dat er van alles mis is met de camerabril van Meta. Stiekem filmen is een fluitje van een cent ondanks ‘privacy-updates’ van Meta. De Consumentenbond bepleit dan ook een verbod op de bril.

Dat wil de digitale burgerrechtenbeweging Bits of Freedom (BoF) ook. Begin vorige week lanceerde BoF een campagne om de gluurbril te verbieden. De stichting zette een satirisch filmpje van mediajurist en programmamaker Roel Maalderink online waarin hij voor het kantoor van Meta in Amsterdam medewerkers van het bedrijf met de functionaliteiten van de bril confronteerde. Het filmpje werd natuurlijk ook op de platformen van Meta gezet, maar daar werd het snel verwijderd. Het bedrijf duldt geen kritiek en bepaalt graag zelf wat zijn gebruikers te zien krijgen.

Een Kamermeerderheid is voor het verbod

Intussen denkt onze regering voorlopig nog niet aan ingrijpen. “Een (gedeeltelijk) verbod op het dragen van camerabrillen in publieke ruimte is een ingrijpende maatregel,” schreef staatssecretaris Claudia van Bruggen (Justitie en Veiligheid) vorige week in een brief aan de Kamer. Dat kan volgens de staatssecretaris alleen “als er geen minder zwaarwegende alternatieven mogelijk zijn.” Zo krijgen Meta en andere techbedrijven die klaarstaan om ook camerabrillen te lanceren, alle gelegenheid om hun privacy-ondermijnende producten op de markt te brengen. Wanneer dat gebeurt, is het te laat.

In de Kamer zitten niettemin genoeg mensen die de urgentie van de kwestie inzien. Op dezelfde dag dat het kabinet ingrijpen afwees, diende Pro-Kamerlid Barbara Kathmann een motie in om de bril te verbieden. Een meerderheid in de Kamer steunde de motie. Kathmann constateerde dat de gluurbrillen al door bestaande privacywetgeving verboden zouden zijn. Die conclusie kon ze onder andere trekken uit het twee dagen eerder gepubliceerde persbericht van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). “Camerabrillen zijn bezig aan een snelle opmars,” stelde de AP vast en wie daarmee “andere mensen filmt of fotografeert, mag die beelden echter niet zomaar gebruiken, delen of publiceren.”

De AP richt zich dus vooral tot de gebruikers van de gluurbrillen. De privacywaakhond maant tevens “eigenaren en beheerders van locaties in hun huisregels het dragen en gebruiken van camerabrillen te verbieden.” En aan de NOS vertelde een woordvoerder van de AP dat het “onderzoekt” of “verdergaande maatregelen” mogelijk zijn. De AP denkt daarbij aan een wijziging van het ontwerp, zodat beter duidelijk wordt dat er wordt gefilmd. Ik weet niet wat ik me daarbij moet voorstellen. Vlaggetjes die opeens uit het montuur floepen met de waarschuwing: ik ben aan het filmen?

Het is in elk geval niet de taal van een toezichthouder die daadwerkelijk de privacyrechten van Nederlandse burgers wil beschermen. Zo’n toezichthouder wijst niet als eerste naar de gebruikers van het ondeugdelijke product, maar naar de producent: Meta.

Onafhankelijkheid heeft een prijs

Bewindspersonen als Van Bruggen willen echter de regie houden. Daarom hebben ze liever geen toezichthouders die zich al te onafhankelijk opstellen, want dat betekent verlies van controle, schreef toezichthouder Theodor Kockelkoren in 2016 in zijn boek Toezicht als beroep. Zo gaat dat al vele jaren en ik ben in mijn loopbaan dan ook weinig toezichthouders tegengekomen die zich echt onafhankelijk gedroegen.

Daarnaast laat het grootbedrijf zich gelden. Corporate capture is de term die beschrijft dat multinationals met succes grote druk op politici en toezichthouders uitoefenen om hun eigen commerciële belangen te dienen. De belangen van burgers delven daarbij het onderspit. We zagen dit al eerder in aanloop naar de bankencrisis: onder invloed van de bankenlobby werd regelgeving afgezwakt, met alle destructieve gevolgen van dien. Dezelfde dynamiek is nu waarneembaar in Brussel, waar de machtige techlobby er alles aan doet om regelgeving af te zwakken.

Toonbeeld van de corporate capture is Geert Potjewijd, de nieuwe voorzitter van de AP, die in zijn loopbaan als advocaat bij het Zuidas-kantoor De Brauw vooral de belangen van grote bedrijven heeft behartigd. Nota bene Meta was een van zijn klanten. Dat maakt hem minder geschikt voor zijn belangrijke baan, schreef Nienke de Bruijn al eerder op ons platform. Hij is namelijk gehouden aan zijn geheimhoudingsplicht en die loopt niet af wanneer hij opeens toezichthouder is. Los daarvan denk ik dat onafhankelijkheid iets is dat je je leven lang moet blijven trainen en dat het daarbij enorm helpt wanneer je niet uit een door en door conformistische omgeving als een groot commercieel advocatenkantoor afkomstig bent.

Je zou verwachten dat de regering een duidelijk signaal afgeeft. Dat ze groot belang hecht aan het toezicht dat de AP in dit tijdsgewricht op extreem machtige Big Tech-bedrijven kan leveren. Helaas, wie naar de Rijksbegroting (pag. 49) kijkt, kan niet anders dan concluderen dat het tegendeel waar is. In 2026 is het budget voor de AP 59,9 miljoen. Dat neemt in 2027 met meer dan 3 miljoen af tot 56,8 miljoen. Het mes snijdt in de jaren die volgen nog verder in eigen toezichtsvlees, want het budget neemt af tot 48,9 miljoen in 2031. Triest, want de parlementaire enquêtecommissie Fraudebeleid en Dienstverlening concludeerde in 2024 dat de Autoriteit Persoonsgegevens juist méér middelen moet krijgen om persoonsgegevens van Nederlandse burgers te beschermen. De enquêtecommissie oordeelde toen dat een jaarbudget van 100 miljoen nodig was. Het bedrag van 49 miljoen was volgens de AP “niet genoeg om zelfs aan de meest basale eisen van goed toezicht te kunnen voldoen”.

Mogelijk heeft het kabinet de nog volslagen onbekende productiviteitsvoordelen van AI al in zijn begrotingscalculatie meegenomen. Veel zekerder is dat ngo’s de komende jaren hun handen vol zullen hebben aan het vragen van aandacht voor de misstanden die de AP niet of nauwelijks handhaaft, of überhaupt kan handhaven.

Tot slot: ik zal niet nog eens zo lang wachten met het schrijven van een nieuwsbrief.
 

Eric Smit